Het misbruik van de Evolutietheorie

Eleni Debo

Dit weekend stond er in De Morgen een stuk van Joël De Ceulaer: Van moslims tot feministen: waarom Darwin velen zo bang maakt.
Samengevat stelt hij hierin dat vrouwen minder ambitieus zijn dan mannen en dat dit wetenschappelijk onweerlegbaar vastgesteld is. 

Fons Dewulf legt in het onderstaande stukje uit, waarom dit wel heel kort door de bocht is en waarom het niet wenselijk is om complexe concepten als ambitie te reduceren tot een gevolg van een extreem vereenvoudigde en infantiele vorm van Evolutietheorie.


Door Fons Dewulf meer tekstjes van zijn hand kan je hier vinden
Tekening door Eleni Debo

Joël De Ceulaer verdedigde onlangs in De Morgen de stelling dat vrouwen in het algemeen, over alle culturele contexten heen, minder ambitieus zijn dan mannen. Volgens hem staat die stelling vast en is het volstrekt onmogelijk er een speld tussen te krijgen. Ze is genoeg getest, en bovendien kan ze “verklaard” worden aan de hand van Darwins evolutietheorie.
Hieronder wil ik enerzijds aantonen dat de manier waarop De Ceulaer deze stelling verdedigt onhoudbaar is en anderzijds dat De Ceulaer een veel interessantere problematiek negeert en daardoor meer verduistering dan verheldering aanlevert met zijn stuk.

Op twee verschillende punten wil ik De Ceulaers verdediging van de stelling weerleggen. Ten eerste is zijn bewering dat “vrouwen minder ambitieus zijn dan mannen” geenszins empirisch aantoonbaar.
Om zo’n stelling empirisch te onderzoeken moet je immers gebruik maken van een operationaliseerbaar concept van ambitie: je moet in staat zijn als onderzoeker vast te stellen hoeveel vrouwen en mannen in een bepaalde populatie ambitie vertonen. Om dit te volbrengen ga je ambitie vertalen naar een bepaald gedrag dat vrouwen of mannen stellen in een specifieke context, 
gedrag dat je kan waarnemen en toeschrijven aan individuen in die populatie, bijvoorbeeld zich kandidaat stellen voor politieke mandaten, of zich engageren in bestuursorganen van verenigingen, enz.
Vervolgens ontstaat een probleem: waarom classificeren we al dit soort van gedrag specifiek als “ambitieus”? Waarom zou het aanleren van steeds meer vaardigheden in een hobby niet ambitieus kunnen zijn, bijvoorbeeld steeds nieuwe soorten taart leren bakken? Of kennis maken met verschillende kunstvormen? Ambitie of geen ambitie?
In tegenstelling tot wat De Ceulaer beweert, is er geen enkel statistisch onderzoek naar ambitie, alleen naar gedrag in maatschappelijk en sociale contexten. Wie belang hecht aan de waarde van empirisch onderzoek kan onmogelijk De Ceulaers stelling ondersteunen als een evidentie: uit al die empirische onderzoeken veralgemenen dat vrouwen minder “ambitieus” zijn, is onmogelijk op basis van dit soort onderzoeken alleen.
Ambitie is een evaluatief concept: we noemen personen ambitieus omdat we het eindresultaat van wat zij nastreven, als een belangrijke verwezenlijking 
in het leven beschouwen, bijvoorbeeld rector worden, maar niet treinconducteur, of een leven in teken van je carrière afwerken, maar niet een gebalanceerd leven dankzij een parttime job.
Hoogstens kan De Ceulaer beweren dat vrouwen in het algemeen minder ambitieus zijn als hij ook zou specificeren welke verzameling van handelingen hij precies als ambitieus evalueert. Helaas doet hij dit niet, wat tot zuivere speculatie leidt, namelijk het postuleren van tot een uiterst wazige “aanleg tot ambitie”, die vrouwen volgens hem minder zouden hebben dan mannen.

Dit soort van verhaaltjes blijft overigens speculatie: over voortplantingspatronen in prehistorische groepen valt niet meer zoveel empirisch onderzoek te voeren.

Ten tweede maakt De Ceulaer geenszins duidelijk hoe de evolutietheorie precies verbonden is met zijn vermeende, empirische feit over de ambitie van vrouwen in het algemeen.
Dat het iets met seks te maken heeft, is absoluut niet vanzelfsprekend, zoals De Ceulaer beweert. Zijn verbinding met evolutietheorie steunt op een verhaal over de selectieve context in het pleistoceen: dominante mannen hadden meer kans om zich voort te plannen en hierdoor heeft een aanleg voor dominant gedrag bij mannen zich verspreid in onze soort.
Enerzijds is het helemaal niet duidelijk wat dominante mannen ambitieus maakt, anderzijds is er nergens in zijn verhaal enige vermelding van dominantie of ambitie bij vrouwen. Of vrouwen ook geen evolutionair voordeel konden halen door (de nog steeds wazig gedefinieerde) “ambitie” te vertonen, is volstrekt onduidelijk.
Dit soort van verhaaltjes blijft overigens speculatie: over voortplantingspatronen in prehistorische groepen valt niet meer zoveel empirisch onderzoek te voeren. Bovendien is het een open vraag of deze groepen doorheen de tijd over de volledige populatie van Homo sapiens heen eenzelfde sociale structuur hadden en er bijgevolg voldoende generatiecycli konden zijn om een uniforme voortplantingsgedrag tot stand te brengen op basis van sociale status in de groep.
De Ceulaer beweert dat zijn stelling over vrouwelijke ambities een consequentie is van de evolutietheorie: dit is niet het geval. Het is enkel een gevolg, indien we zouden kunnen vaststellen dat voorplantingsgedrag bij Homo sapiens op een heel specifieke manier gebeurde doorheen die duizenden jaren. Zonder deze empirische voorwaarde volgt er niets uit de evolutietheorie omtrent sociaal gedrag, en die voorwaarde is geenszins vanzelfsprekend, meer zelfs het empirisch bewijsmateriaal is uiterst lastig om te verzamelen.

Hiermee heb ik aangetoond dat De Ceulaers stelling over de ambitie van vrouwen nooit ondersteund kan worden door statistisch onderzoek – alleen als De Ceulaer kan specificeren welk gedrag hij als ambitieus beschouwt, is dit mogelijk, ook al blijft er dan nog steeds veel te debatteren over de concrete procedures waarmee je voldoende informatie moet verzamelen om die claims hard te maken.
Verder heb ik aangetoond dat de verbinding met evolutietheorie niet evident is. Ook hier moet De Ceulaer extra bewijsmateriaal aanleveren, en verder uitleggen wat ambitie of dominantie in een pleistocene context betekende. Verhaaltjes over het pleistoceen voldoen niet, en mogen door een wetenschapsminnend persoon nooit als evidenties omschreven worden. 

Stel dat je beweert dat een vrouw die bewust niet probeert hogerop te raken in een carrière niet ambitieus is (punt aan de lijn, geen discussie mogelijk, want dat is nu eenmaal wat ambitie is). Dan ontken je de ambiguïteit die inherent verbonden is met het concept ambitie.

Verder meen ik dat De Ceulaer’s artikel een interessante problematiek uit de weg gaat, namelijk de manier waarop het concept ambitie in dit soort van debat gebruikt wordt. De Ceulaer schrijft over ambitie alsof het een eigenschap is die een persoon tentoon kan spreiden of niet, soms zelfs, alsof een persoon er een aanleg voor heeft of niet. Maar dat is verraderlijk: alleen gedrag kan je empirisch vaststellen (mits gepaste aannames in je methode), ambitie is een manier om dat gedrag te evalueren.
Iedereen die ik ken in mijn leven, streeft zaken na. Alleen beschouwt niemand van hen dezelfde doelen in het leven als ambitieus. Enerzijds is dat frustrerend: in één groep van mensen word je beschouwd als ambitieus, in een andere groep als passief, en dat brengt soms spanningen teweeg. Anderzijds is dat verrijkend: het toont aan dat je op verschillende manieren met de successen en mislukkingen in je leven kan omgaan.
Stel dat je beweert dat een vrouw die bewust niet probeert hogerop te raken in een carrière niet ambitieus is (punt aan de lijn, geen discussie mogelijk, want dat is nu eenmaal wat ambitie is). Dan ontken je de ambiguïteit die inherent verbonden is met het concept ambitie. Het opgeven van een bepaald pad in een carrière kan juist heel ambitieus zijn, bijvoorbeeld omdat het je toelaat je leven een andere focus te geven, op een hobby, een persoon, een vereniging, enz. Wat mij betreft, zijn veel carrière-mensen niet ambitieus: ze zullen heel hun leven hetzelfde doen, verslaafd raken aan een middel om te ontstressen en nooit meer nadenken over vernieuwing in de functies die zij uitoefenen.

Wat De Ceulaer doet in zijn tekst, is spijtig: hij verduistert dat boeiende concept ambitie en lijkt het soms gelijk te stellen met de uiterst abstracte, quasi-zinloze norm om een carrière na te streven, terwijl er zoveel boeiende invalshoeken zijn om na te denken over ambitie, bijvoorbeeld als het opnemen van de eigen verantwoordelijkheid over de doelen in je leven, of ambitie als de noodzaak om iets in je leven op te geven in functie van een gekozen doel. Eens je ambitie begrijpt als actieve vormgeving van wie je in het leven bent, is de link met gender of geslacht minder duidelijk, althans vanuit het 21ste eeuwse perspectief. In het verleden werden vrouwen immers vaak door mannen geacht geen verantwoordelijkheid op te nemen voor wie zij waren in het juridische, politieke of economische veld (net zoals heel veel andere groepen overigens). Vaak werden vrouwen enkel geacht “ambitieus” te zijn in de opvoeding van hun kinderen. Dat is echter veranderd, en ten goede meen ik.
Als het dan zo is dat vrouwen heden ten dage nog altijd economisch, politiek of juridisch minder rollen opnemen, ligt dat niet aan hun gebrek aan ambitie, maar aan andere zaken, bijvoorbeeld de wijze waarop structuren in onze samenleving mannen nog altijd gedeeltelijk weghouden van een participatie in de opvoeding van kinderen 
waardoor deze nog altijd vaker een focuspunt is voor vrouwen.
Als De Ceulaer met zijn empirische studies iets had moeten doen, is het eerder ambitie als waardegeladen term wegnemen uit het feitelijke aspect van de discussie. Dat feitelijke aspect had altijd moeten blijven op het niveau van loonsverschillen, uitvoeren van hogere bedrijfsfuncties, opnemen van tijdkrediet, uitstellen van jobs, enz.

Het is precies De Ceulaer die empirisch onderzoek geweld aandoet, het wazige, niet-empirische concept ambitie introduceert en vervolgens op onverantwoorde wijze legitimeert door evolutietheorie te reduceren tot een simpel verhaaltje.

Tot slot wil ik nog twee zaken aanstippen omtrent De Ceulaers artikel.
De Ceulaer noemt de feministen die aanstoot nemen aan zijn veralgemening wensdenkers die de rationaliteit op dit gebied achterstellen op hun ideologie. Voor iemand die wetenschappelijk onderzoek belangrijk vindt, is deze positionering van feministen 
tegenover het rationele denken schandelijk.
Wetenschappelijk onderzoek is te complex en te kwetsbaar om zo’n veralgemeningen als evidenties te beschouwen en tegenstanders 
ervan als ideologen weg te zetten, en De Ceulaer wéét dit. Rationaliteit betekent volgens hem dat je beweringen afmeet aan het aanwezige bewijsmateriaal, en dit is volstrekt afwezig voor zijn verduiveldveralgemening omtrent dat complexe concept van ambitie.
Daarnaast vergelijkt De Ceulaer de mensen die twijfelen aan zijn veralgemening met religieuze ontkenners van de evolutietheorie.
Dit is de werkelijkheid geweld aandoen: de motieven en bezorgdheden van beide groepen is volstrekt verschillend, en bovendien ontkennen feministen niets van die evolutietheorie. Er volgt immers niets over ambitie bij vrouwen uit de evolutietheorie zelf. 
Dat is enkel het geval mits een enorme hoeveelheid aannames die voorlopig te weinig empirische ondersteuning hebben.

De Ceulaers artikel positioneert feministen en religieuzen tegen de rationaliteit van de wetenschap. De afbeelding bij het artikel toont dit ook. Het rotsvaste, ongenaakbare idool van Darwin wordt aangevallen door primitieven. Dit is weerzinwekkende, hemeltergende framing, pure propaganda en een afgrijselijk beeld van wetenschap (Darwins theorie is geen idool en kan dat ook nooit zijn).
Het is precies De Ceulaer die empirisch onderzoek geweld aandoet, het wazige, 
niet-empirische concept ambitie introduceert en vervolgens op onverantwoorde wijze legitimeert door evolutietheorie te reduceren tot een simpel verhaaltje. Verder van wetenschappelijkheid kan je moeilijk komen. Dit is halfslachtige, ideologische journalistiek, ergens tussen een slecht opiniestuk en een haastig geschreven onderzoeksartikel.
Ik hoop dat de duizenden lezers van De Morgen verstandig genoeg zijn om deze illegitieme toeëigening van de rationaliteit niet zomaar voor waarheid aan te nemen, en dat de hoofdredacteur nooit meer zo’n tendentieus, verdraaid artikel van De Ceulaer, 
zelfs al wordt het omschreven als essay, publiceert in de krant.

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s